bladzijde << 150 >> van PASTOOR PONCKE, een boek van Jan H. Eekhout

boven den gloed van hun eigen haarden, schonden het vrouwvolk en plonderden dat het een aard had. Bezuiden onder Gentwiki, aan de Leieboord, had men een rijken boer in lijke op zijn opkamer aangetroffen met dertig messteken in het lijf en de dochter van 't hof was uitzinnig geworden. Mede aan Pastoor PonckePoncke was dit bericht ter oore gekomen. Hij betwijfelde het echter. Wanneer de nood genaaktwoord, wordt het brein entwatwoord koortsig en de mensch maalt zich allehand wilde tafereelen, docht het hem. Daarom bepeinsdewoord hij het niet, hoe mogelijk ook de vervaardheidwoord voor de geduide rabouwenwoord zijne boeren bevangen had, zoodat zij hun heemwoord niet zonder hoofd diervenwoord laten. Mochten die booze berichten niettemin wortelen op waarheid, hij, Pastoor PonckePoncke, betrouwde er onwankellijk op, dat Ons-Heer zijne parochianenwoord bijzonderlijk beschermen zoude. Dieswoord dacht hij vol recht te hebben de boeren te laken vanwege hun steegheid ten opzichte de uitvoering hunner kerstenewoord plichten. Nimmer had hij zich als een zielkesjager ontpopt, maar de tienuurmis van des Zondags wenschte hij steeds treffelijkwoord bevolkt te weten.

De marenwoord evenwel loochende hij geenszins. De gekuilde akkervruchten waren inderdaad tot slijm vergaan door de koude, het meel werd schaars ter markte aangevoerd, gelijkwoord de Gazetwoord van Bruggewiki, hem, Pastoor PonckePoncke toevallig in handen gerochtwoord, het kondde en de prijzen van alle voedingsmiddelen klommen schielijkwoord, en de koeien spilden bijkanswoord geen melk. Dat de honger tevens op het Damschewiki intrede had gedaan, bleek klaarwoord uit de menigte van vroege Drie-KoningenwoordMatteus 2:1, die ondanks de koude, aan de deuren bedelden, de guldenewoord sterre met behulp van een koordeke wentelen deden en met bibberende stem hun vooizenwoord afgaven. Bovendien ketsten zij de banen van buiten af, maar spraken ervan, dat de boeren, zij mogen vermaledijdwoord wezen!, de honden op hen loszonden en dat, gelukte het al de hofdeur te bereiken

© 1998-2010 bewonderaar@pastoorponcke.nl