bladzijde << 244 >> van PASTOOR PONCKE, een boek van Jan H. Eekhout

diergelijkewoord dingen vooraf en secuur te bedisselenwoord, nietwaar, mijn Vriend?

Mid-adventwoord liet Pastoor PonckePoncke Pater MedardusMedardus bij zich roepen. Hij bood Pater MedardusMedardus geen zatewoord aan en sloeg den Pater eene tamelijke poozewoord gade aleerwoord hij een woord uittewoord. Pater MedardusMedardus wachtte geduldig, de handen zedig in de wijde mouwen verscholen, en zijne oogen verpinktenwoord niet onder Pastoor Poncke'sPoncke eigenaardige vorsching. Het prikkelde Pastoor PonckePoncke een beetje, den Dominicaan zoo bedaard te zien; hij was welhaast genegen entwatwoord van uittarting in diens houding te ontdekken — waren er daar niet die honden-oogen geweest…

Onverhoeds begon Pastoor PonckePoncke te monkelenwoord en hij sprak:

— Ei, ei!… Tja, ge zijt nu hier en ik moet uit mijn knop piepen. Zet u, bidde ik u. Zie, mijn waarde, bereidswoord gedurende een etmaal voel ik mij uitzonderlijk monter.

— De genezing!, meende pater MedardusMedardus goedig. — Gij zult genezen. Ik bad voor u en de parochiewoord bidt voor u. Mij wordt uwe genezing alsaanwoord zekerder. Een straf gebed…

— Danke. Fraai van u, mijn waarde. Alevelwoord, gij liet mij niet tendenwoord spreken. Ik voel mij op heden danig monter, gelijkwoord ik daarseffens verklaarde… de goestingwoord bekruipt mij, mijne spondewoord te verlaten… Maar ik doe het niet. Te schel ben ik mij ervan bewust, dat mijne beenen mij niet zouden kunnen torsenwoord… ge zoudt mij ineenzijgenwoord zien gelijkwoord een sneeuwvent bij dooi… Natuurlijk, genezen zàl ik: de Heer-God en de dood zullen mij genezen.

Pater MedardusMedardus schudde het groot hoofd.

— Ik versta mij er niet aan, dat gij…

— …u tot geen heelmeester wendt. Nietwaar, dit wildet gij mij zeggen! Och, mijn waarde Pater, heelmeesters — duizend

© 1998-2010 bewonderaar@pastoorponcke.nl