Taart uit PASTOOR PONCKE, een boek van Jan H. Eekhout

Een roomtaart gelijkwoord een toren wierdwoord op tafel geplaatst en aangesneden.

— Ha, mijn vriend!, wendde Pastoor PonckePoncke zich tot den dienaar, die hem op een wenk van den BaljuwBaljuw den voorrank schonk der afname, — ha, ik prefereer dìt stuk en ik ben u erkentelijk. Pastoor PonckePoncke had het grootste stuk uitverkoren (…).

Mijn-Heer SpiessensSpiessens, wraakzuchtig, fluisterde vinnig:

— Maar Eerwaarde, gij bezoedeltwoord de gunst van den voorrang door u het machtigstwoord part toe te eigenen!

— Gij zegt? O!… Hoè had ik ànders moeten handelen, Mijn-Heer SpiessensSpiessens?

— Het kleinste part prefereeren, zegt mij mijn geweten… (…)

(…) Maar… wat hebt gìj op uw schaalke, Mijn-Heer?

— Het geringste.

— Héé, wat laakt gij mìj dan? Gij hebt toch uw goestingwoord geoogst, Mijn-Heer SpiessensSpiessens?

(bladzijde 64-65)
© 1998-2010 bewonderaar@pastoorponcke.nl