bladzijde << 192 >> van PASTOOR PONCKE, een boek van Jan H. Eekhout

voor onderweg, terwijl gij toch snijdt. Beleg het met een schellekenwoord kaas. Maak nadienwoord SocratesSocrates gereed. Dat is al. Danke.

Pastoor PonckePoncke begaf zich ter Onze-Lieve-Vrouwe en misseerde zonderling secuur, welhaast kantig, gelijkwoord beginnelingen hun mis verrichten onder het oog van een vlijmwoord keurend clergie-overstewoord. Hij kwam thuis en at al even kantig.

Hij rees, zegde KatrijneKatrijne „goêndag” en liep met wijde schreden naar SocratesSocrates. Zwijgend leidde hij SocratesSocrates buiten de moeshofpoort, zwijgend zette hij den voet op den meteoriet, zwijgend kwam hij in het zadel en zwijgend vertrok hij. Vier wervenwoord halteerdewoord SocratesSocrates alvorenswoord zij de groote baanwoord naar Bruggewiki bereikten. Pastoor PonckePoncke loste geen woord, liet SocratesSocrates betijenwoord, bepeinzendwoord, hoe diens gestok nu pas werkelijk zin behelsde. Zéér recht-op was hij gezeten en staarde over de baanwoord vóór hem. De morgen blauwde. Tierend vlaagde zotwoord een troep grauwaards laag over den weg. Het ontging Pastoor Poncke'sPoncke aandacht. Allengswoord pijnde hem zijn stakig zitten en hij versoepelde zijne houding ietwat.

Socrates-VriendSocrates, zuchtte hij, — Socrates-VriendSocrates

En een poozewoord naderhand:

— Het is de zwaarste gang van mijn leven…

De Hallewoord van Bruggewiki, in de verte, groeide.

— Mijn Vriend, ginder wacht ons de verafscheidingwoord. Het is wreed, heel wreed. Ik ben vol weemoed. Mocht het wezen, dat ik ginds niet iemand vind, die mij eenigermate past — ik zou uwen remplacantwoord nooit SocratesSocrates benamenwoord, geloof mij, mijn Vriend! — alsdanwoord benut ik niet de diligencewoord van Bruggewiki op Dammewiki, doch voeteerwoord het pad weêrom van ends-on-tendswoord, spijtswoord de marteliewoord aan mijne teenen — uit rouw en, laat ik zeggen, uit boete, Socrates-vriendSocrates. Dit is mijne solemnele belofte en tevens

© 1998-2010 bewonderaar@pastoorponcke.nl