bladzijde << 64 >> van PASTOOR PONCKE, een boek van Jan H. Eekhout

te weten, gelijkwoord de Jesuïetenwoord, is bekennen ganschelijkwoord onwetend te zijn. Derhalve zijn zij blinkende geloovers en blinkende weters en is er op hen geen aanmerking te maken. Men is nooit te geletterd en nooit te geloovig, Mijn-Heer…

— Ik versta u kwalijkwoord

— Ik mìj eveneens, Mijn-Heer SpiessensSpiessens. Toch sprak ik waarheid. De waarheid staat immers omneveld.

— Gij hebt, lijkwoord de Jesuïetenwoord, acht ik, alle boeken in het brein, hekelde de ApothekerSpiessens. — Boeken verwarren het. De waarheid is helwoord lijkwoord dauw. Ik lees alleen Voltairewiki en diens discipelenwoord.

— Tja, waarom zoudt gij Voltairewiki niet lezen, edoch… Neen, ik heb niet alle boeken in het brein. Waar' zulks het geval, gij zoudt op deze zatewoord PonckePoncke niet schouwenwoord, maar een foliantwoord. Overigens: Nullus amicus magis liberat, quam liber.1spreuken Ei, welk een schoonewoord taart!

Een roomtaart gelijkwoord een toren wierdwoord op tafel geplaatst en aangesneden.

— Ha, mijn vriend!, wendde Pastoor PonckePoncke zich tot den dienaar, die hem op een wenk van den BaljuwBaljuw den voorrank schonk der afname, — ha, ik prefereer dìt stuk en ik ben u erkentelijk. Pastoor PonckePoncke had het grootste stuk uitverkoren en dreeldewoord het met de oogen en teugdewoord een slokske fellen Rijnschen.

Mijn-Heer SpiessensSpiessens, wraakzuchtig, fluisterde vinnig:

— Maar Eerwaarde, gij bezoedeltwoord de gunst van den voorrang door u het machtigstwoord part toe te eigenen!

— Gij zegt? O!… Hoè had ik ànders moeten handelen, MijnHeer SpiessensSpiessens?

— Het kleinste part prefereeren, zegt mij mijn geweten… Lucullus stierf aan gulzigheid…

— Mocht mijn lot dit van uw Lucullus worden, och ja, zorg gij

© 1998-2010 bewonderaar@pastoorponcke.nl